Alles over Papendrecht...

Lekt bij de loodgieter thuis de kraan ook wel eens?

De slaapkamer van Pieter de Loodgieter werd gevuld met geronk van een snurkende slaper. De telefoon ging. Het was kwart voor acht op zijn laatste werkdag. Loodgieter Pieter, bijna met pensioen, schrok wakker uit een hele enge droom en was daardoor gelijk een beetje uit het lood geslagen, maar toch nam hij de telefoon op.

‘Hallo,’ hoorde hij aan de andere kant van de lijn, ‘lekt de kraan bij u thuis ook?’

‘Nee,’ antwoordde Pieter verbouwereerd en nog wel een beetje slaperig. ‘Ik ben loodgieter, dus bij mij lekt de kraan zeker niet.’

‘Dan moet ik u net hebben, want een loodgieter waar de kraan thuis lekt, daar heb ik geen vertrouwen in,’ zei de stem aan de andere kant van de telefoon. ‘bij mij lekt het namelijk wel. Wanneer kunt u komen voor een reparatie?’



‘Dat is mij lood om oud ijzer,’ antwoordde Pieter, ‘ík heb de gehele dag de tijd.’

De man aan de andere kant van de telefoonlijn was daardoor in het geheel niet uit het lood geslagen, want hij antwoordde, ‘kunt u dan gelijk komen? Het lekt hier enorm!’ En hij legde er gelijk nog maar een loodje bovenop: ‘Ik heb zelfs twee kranen die lekken!’

Even later ging Pieter de Loodgieter op zijn laatste werkdag en toch wel met lood in zijn schoenen naar de klus. ‘De laatste loodjes wegen het zwaarst!’ zei hij tegen zichzelf.

Pieter de loodgieter had namelijk vannacht eng gedroomd. Een vreselijke nachtmerrie. Hij zou het loodje gaan leggen. In die droom had hij namelijk kruit noch lood en was er iemand die hem vol lood wilde pompen, omdat hij in deze droom zijn laatste klusje had verprutst en daardoor misschien wel het loodje zou leggen, maar voordat dat gebeurde, was hij wakker geschrokken door de telefoon.  Het was kwart voor acht op zijn laatste werkdag.

Loodgieter Pieter, bijna met pensioen, schrok wakker uit een hele enge droom en was daardoor gelijk een beetje uit het lood geslagen, maar toch nam hij de telefoon op.

‘Hallo,’ hoorde hij aan de andere kant van de lijn, ‘lekt de kraan bij u thuis?’

‘Nee,’ antwoordde Pieter verbouwereerd en nog wel een beetje slaperig. Ik ben loodgieter, dus bij mij lekt de kraan zeker niet.’

‘Dan moet ik u net hebben, want een loodgieter in de buurt waar de kraan thuis lekt, daar heb ik geen vertrouwen in,’ zei de stem aan de andere kant van de telefoon. ‘bij mij lekt het namelijk wel. Wanneer kunt u komen voor een reparatie?’

‘Dat is mij lood om oud ijzer,’ antwoordde Pieter, ‘ík heb de gehele dag de tijd.’

De man aan de andere kant van de telefoonlijn was daardoor in het geheel niet uit het lood geslagen, want hij antwoordde, ‘kunt u dan gelijk komen? Het lekt hier enorm!’ En hij legde er gelijk nog maar een loodje bovenop: ‘Ik heb nu zelfs drie kranen die lekken!’

Even later ging Pieter de Loodgieter op zijn laatste werkdag en toch wel met lood in zijn schoenen naar de klus. ‘De laatste loodjes wegen het zwaarst!’ zei hij tegen zichzelf.

Pieter de loodgieter had namelijk vannacht heel eng gedroomd. Een vreselijk enge nachtmerrie. Hij zou het loodje gaan leggen. In die droom had hij namelijk kruit noch lood en was er iemand die hem vol lood wilde pompen, omdat hij in deze droom zijn laatste klusje had verprutst en daardoor misschien wel het loodje zou leggen, maar voordat dat gebeurde, was hij wakker geschrokken door het gerinkel van de telefoon. Het was kwart voor acht op zijn laatste werkdag.

Loodgieter Pieter, bijna met pensioen, schrok wakker uit een hele enge droom en was daardoor gelijk een beetje uit het lood geslagen, maar toch nam hij de telefoon op.

‘Hallo,’ hoorde hij aan de andere kant van de lijn, ‘lekt de kraan bij u thuis?’

‘Nee,’ antwoordde Pieter verbouwereerd en nog wel een beetje slaperig. Ik ben loodgieter, dus bij mij lekt de kraan zeker niet.’

‘Dan moet ik u net hebben,’ zei de stem aan de andere kant van de telefoon. ‘bij mij lekt het namelijk wel. Wanneer kunt u komen voor een reparatie?’

‘Dat is mij lood om oud ijzer,’ antwoordde Pieter, ‘ík heb de gehele dag de tijd……..’

De man aan de andere kant van de telefoonlijn was daardoor in het geheel niet uit het lood geslagen, want hij antwoordde, ‘kunt u dan gelijk komen? Het lekt hier enorm!’ En hij legde er gelijk nog maar een loodje bovenop: ‘Ik heb nu zelfs vier kranen die lekken!’

Even later ging Pieter de Loodgieter op zijn laatste werkdag en toch wel met lood in zijn schoenen naar de klus. ‘De laatste loodjes wegen het zwaarst!’ zei hij tegen zichzelf…….

Et cetera, et cetera…….

Drup, drup, drup……