Alles over Papendrecht...

Column

De kontknijper en de jogger (woensdag 24 oktober 2018)

Afbeelding bij Column: De kontknijper en de jogger

Tijd: vijfentwintig jaar vóór #metoo op een zonnige lentedag, eind van de middag.
Plaats: Papendrecht, fietspad Burgmeester Keijzerweg richting Veerweg.

Met een boek in een plastic tasje in mijn rechterhand loop ik richting de bushalte bij het politiebureau. Naast me rijden forenzen bumper aan bumper richting de avondmaaltijd. Het is gezellig druk, de zon schijnt op mijn gezicht en straks zit ik met een vriendin aan een wijntje. Heerlijke dag zeg!

Plotseling, uit het niets, word ik bij mijn kont gegrepen. In een reflex zwaai ik het plastic tasje met boek vóór me langs omhoog, vol in het gezicht van een jongen op een fiets. Hij blijft nauwelijks overeind en zijn vier, eveneens fietsende, vrienden lachen hem bulderend uit. Ik ben een irrelevant onderdeel in hun verhaal: de stoerste heeft in een poging in de onderlinge hiërarchie op te klimmen, een gevoelige nederlaag geleden. Ze fietsen joelend verder.

De adrenaline giert door me heen. Als ik het boek in het tasje bekijk zit er een knak in de rug. Die is in ieder geval goed aangekomen. Op dat moment jogt een man van een jaar of veertig me voorbij en roept al rennend: “Schandalig dit; dat kan toch niet…?” “Ja, nee, inderdaad”, roep ik terug.

Ik zie de jongens zo’n vijftig meter verderop stilhouden voor het rode stoplicht bij de kruising met de Veerweg. Niet te snel lopen. In gedachte probeer ik mezelf terug te praten naar mijn goede humeur van zojuist: Kom op Trijntje, laat dit je dag niet verpesten, je hebt wel voor hetere vuren gestaan: een bijna echt slecht afgelopen aanranding, drie potloodventers (niet tegelijk!), gedoe in het uitgaansleven... En dan heb ik nog geluk gehad in vergelijking met vriendinnen. Net als ik denk: Nou ja, it’s a mans world…, maar toch kan ik het niet uitstaan, hoor ik geroep: “HÉ, HÉ…?” Ik kijk op en zie de jogger van zonet. Hij is bij het kruispunt aangekomen en heeft één van de vijf jongens van zijn fiets getrokken. Hij gebaart: Is dit 'm”?

Ik heb werkelijk geen idee; ze kwamen van achteren en het ging heel snel. Maar dat hoeven zij niet te weten. Ik gebaar: “Ik kom er aan” en zet een zogenaamd snelle sprint in. De jongens weten niet hoe snel ze tussen de claxonnerende automobilisten door weg moeten komen. De jogger laat de jongen – zogenaamd uit overmacht - los en ik kom goed gepland net te laat bij het kruispunt aan. Een perfect samenspel in het gezamenlijke verhaal van de jogger en mij.

De Rutgerstichting lanceerde deze maand de slogan: Ben je oké? Dit om mensen aan te sporen bij elkaar te checken of alles goed gaat, als er een vermoeden is dat iemand wordt lastiggevallen. Het bracht mij terug naar dit verhaal, waarin de kontknijper een figurant is geworden en de jogger de heldenrol vervult. Iemand kan echt het verschil maken, iemand die aan jouw kant gaat staan bij een klein of groot grensoverschrijdend voorval.
Mag het nog, vijfentwintig jaar later.., bedanken? Dank stoere, lieve meneer de jogger, voor de steun en het verdiende lesje aan de jongens.

Trijntje van Es

Trijntje van Es

Single, één dochter. Thans D66-fractievoorzitter in de gemeenteraad, lid van de Drechtraad en lid van de Rekenkamercommissie. Eerder communicatieadviseur in het bedrijfsleven, freelance tekstschrijver en docent maatschappijleer. Studeerde Politicologie in Leiden en Journalistiek in Utrecht.


Trijntje van Es

Trijntje van Es

Single, één dochter. Thans D66-fractievoorzitter in de gemeenteraad, lid van de Drechtraad en lid van de Rekenkamercommissie. Eerder communicatieadviseur in het bedrijfsleven, freelance tekstschrijver en docent maatschappijleer. Studeerde Politicologie in Leiden en Journalistiek in Utrecht.